• 0519-555100
  • 06-22485795
  • Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.
Welkom op deamelander.nl

De Buurvrouw 2012-4

Jaargang: 2012
Uitgave: Juni - Juli
Naam auteur: Jan J. de Vries

In ons land zijn momenteel ruim 2 miljoen honden, dat betekent dat zo gemiddeld in één op de vijf Nederlandse huishoudens een hond aanwezig is. Katten zijn er nog meer, zo’n 3,6 miljoen. Ik wil het er niet over hebben hoeveel geld we jaarlijks uitgeven aan voeding e.d. voor deze dieren. Maar wanneer we uitgaan dat het minimaal € 500,- per jaar is dan kunt u zelf wel uitrekenen hoeveel we jaarlijks uitgeven voor al deze miljoenen dieren. En dat in deze crisistijd.

Zelf hebben we geen hond en ook nooit gehad. Wel hebben we af en toe een oppashond, dus kunnen we een klein beetje meepraten hoe het is om een hond te hebben. Dat je je gaat hechten aan zo’n dier is bijna vanzelfsprekend. Tenminste als het een aardige hond is. Niet aardige honden verdwijnen dikwijls weer snel. Ze komen in een asiel terecht of worden aan een boom gebonden achtergelaten en moeten dan maar hopen op een nieuw baasje.

Nu moet u weten dat ook Watze en buurvrouw dikwijls hebben gesproken over de aanschaf van een hond. Dat was vooral toen de kinderen de deur uitgingen. Dat is vaak zo’n moment om de aanschaf van een hond of kat te overwegen. Een hond kun je immers gewoon kopen net als een pak koffie. Nu is de koffie snel op maar van een hond kun je heel wat jaren genieten. Mensen vergeten dat helaas nog wel eens. En dan is het genieten snel voorbij.

Uiteindelijk hadden Watze en buurvrouw besloten om toch maar geen hond te nemen. In ieder geval tot vorige week. Toen ze even bij ons langskwamen en wij toevallig onze oppashond in huis hadden kwam Watze met het grote nieuws: Ze hebben sinds kort een hond!

 ‘Goh’, zei ik, ‘wat een verassing.’ En mijn vrouw deed er nog een schepje bovenop. ‘Dat had ik niet verwacht, dat zou toch niet? Jullie vonden het zo lastig als je met vakantie ging en dan dat uitlaten en zo. Hoe is dat nu gekomen?’

Wel dat wilden ze wel graag even vertellen en ze gingen er samen eens goed voor zitten. Eerst hadden ze een tijd gediscussieerd over de mogelijke aanschaf van een hond. Watze wilde dan een grote hond, buurvrouw liever een wat kleinere. Nu weet u al bij voorbaat hoe dat is afgelopen. Het werd een kleine hond want een grote hond vond buurvrouw te lastig. Zo’n grote hond neemt niet alleen te veel plaats in maar komt ook met kop en staart boven de salontafel uit met alle gevolgen van dien. Zo werd besloten een kleine hond uit te zoeken. Daar hebben ze ook echt moeite voor gedaan. Eerst hebben ze gekeken op internet welke rassen er allemaal zijn en het karakter moest worden beoordeeld. En de prijs was ook belangrijk. Uiteindelijk vonden ze de aanschaf van een rashond veel te duur en zijn ze op zoek gegaan naar een asielhond. Het is echt onvoorstelbaar wat je allemaal tegenkomt op internet wanneer je het woord ‘asielhond’ intikt, aldus de buren. Tenslotte is buurvrouw gevallen voor een ‘vuilnisbakkenras’ hondje. Gewoon een hondje dat haar lief aankeek en er gezellig uitzag.

Nadat ze ‘haar’ (want het is een vrouwtje) nog een naam hadden gegeven, een riem, een mand en wat speeltjes hadden uitgezocht, hebben ze de hond in huis genomen.

‘Niet echt natuurlijk, ben je gek’, zegt buurvrouw, ‘dat is veel te lastig. Maar af en toe doen we net of de hond er is. We praten dan over wie aan de beurt is om haar uit te laten en wie voor het eten moet zorgen.’

‘Ze blaft nooit en ligt vaak rustig in de mand’, grinnikt Watze. ‘Maar’, zegt buurvrouw, ‘het is niet erg wanneer je haar vergeet uit te laten of eten te geven. Soms komt ze er gewoon dagen niet uit en krijgt ze in weken geen eten. Och, we hebben deze hond gewoon voor de aardigheid! Maar als jullie Watze zien lopen kan het dus best zijn dat hij de hond uitlaat.’

Zij en Watze zitten verheerlijkt naar onze verbaasde gezichten te kijken. ‘Vinden jullie dat nu leuk, zo’n zelf bedachte hond?’, vraag ik. Volgens de buren blijkt het erg leuk te zijn. Ze hebben er in ieder geval samen al veel plezier aan beleefd.

‘Lekker gemakkelijk en hartstikke goedkoop. We noemen het dan ook een crisishond. Geen slecht idee voor mensen die wat krap bij kas zitten’, lacht Watze. ‘En met vakanties brengen we haar gewoon bij de buren. Die doen daar helemaal niet moeilijk over.’

‘Och, weet je’, zeg ik, ‘als jullie de aardigheid eraf hebben breng je die crisishond maar gewoon bij ons. Zo’n hond lijkt me ook wel wat!’

Jan J. de Vries


© 2021 De Amelander. Alle Rechten Voorbehouden. Design by Webtool4all